Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen

vrijdag 11 februari 2022

De massagesalon van Thomas Heerma van Voss

Fijn kort verhaal. Het neemt me mee naar die kamer met het uitzicht op de massagesalon. Ik kan me het invullen van de korte levensbeschrijvingen van de bezoekers door de ik-persoon goed voorstellen. Het is ook nog eens een mooi en creativiteit vragend alternatief voor naar een scherm staren. Ik houd van zijn oog voor detail in de taal, dat hij nadenkt over de fouten / onregelmatigheden in de tekst van de prijslijst. En dan heeft hij ook nog oog voor het ondernemerschap van de eigenaar. Toch schiet er ook door mijn hoofd: is dit een rare jongeman? Wat vind ik dan raar? Dat het erop lijkt dat hij zijn leven beperkt tot het kijken naar die massagesalon en zijn schrijfsels over de bezoekers. Maar, denk ik dan, het is een kort verhaal, misschien is het een momentopname.

De taal is helder, niet opvallend. Hij geeft er wel mooie observaties mee weer, ook over andere dingen dan schrijven, maar ik kom toch uit bij een citaat over schrijven:

"Als ik naar buiten ga, zal ik zien wat er allemaal niet klopt, ik zal ontdekken hoeveel van mijn notities nergens op slaan, hoe vruchteloos mijn verzonnen verhalen zijn, maar zolang ik blijf liggen bepaal ik de waarheid."


Uit: De derde persoon

maandag 2 mei 2016

Geachte heer M. van Herman Koch

Niet helemaal mijn boek dit. Ik denk dat Koch ook niet zozeer mijn schrijver is. Ik heb het boek wel uitgelezen. Het verhaal is best spannend en het leest ook lekker weg dus dat is het niet. Ik heb me ook wel vermaakt, maar het is voor mij gewoon geen topboek.

Misschien omdat alles zo dik aangezet wordt:
- leraren zijn vreselijk en sneu, allemaal
- de schrijver waar het over gaat is middelmatig en ver voorbij zijn hoogtepunt
- allerlei punten over schrijver zijn en het schrijverswereldje

Het wordt allemaal uitentreuren herhaald en heel expliciet benoemd. Ik denk dat ik het gewoon leuker vind om het te ontdekken. Ik vind het bevredigender om ergens tijdens het lezen me te realiseren: 'hee, dit is waar het eigenlijk (ook) over gaat.'

Er zitten ook wel wat platgetreden paden in. Dat een film bij een boek conflicteert met de voorstelling die een lezer maakt, is niet een heel verrassend inzicht. Hoort misschien bij het schetsen van de wereld van de schrijver, maar ik heb het liever subtieler.

Dat het verhaal vanuit verschillende perspectieven verteld wordt, vind ik wel leuk. Wat zijn de verschillen? Wat is beleving? Wat is speculatie? Wat is 'feitelijk'?
Zoals ik al schreef, heeft het ook iets spannends, iets whodunnit-achtigs. Ik wil graag weten wat er nou precies gebeurd is met die leraar. Wie heeft wat gedaan en wie weet wat? Ook zit er iets dreigends in vanuit Herman richting de schrijver en/of zijn vrouw en dochtertje. Dat maakt het onderhoudend, dat je toch door wil lezen.

Waar ik enerzijds niet zo van houd is als de schrijver zijn eigen excuus voor iets wat hij doet/wat gebeurt aanvoert. In dit geval:
"In een roman was dit onmogelijk geweest. ... In een roman zou dit ronduit ongeloofwaardig zijn. Te veel toeval. Toeval ondermijnt de geloofwaardigheid van een verhaal." Ja duh, als dit je excuus is om iets heel toevalligs op te voeren, lekker makkelijk.
Anderzijds vind ik het zeker een interessant thema: hoeveel toeval kun je in een roman hebben? Er moeten toevalligheden en bijzonderheden in zitten, anders hoef je er geen boek over te schrijven, of wordt het ten minste erg lastig om het interessant te maken voor lezers zoals ik (ik kan bijvoorbeeld erg weinig met 'Het Bureau' niet heel literair verantwoord van me, maar het is zo.). Maar als er te veel in zit, haak ik af. Waar ligt die grens? Kun je dat beïnvloeden? Hij komt er nog een paar keer op terug in het boek, en dat vind ik dus boeiend.
Hij doet dat ook met het feit dat twee personages (de schrijver en het vriendje) dezelfde voornaam hebben. Dat vond ik wel een grappig feitje. Gebeurt in het echte leven natuurlijk best vaak en zie je inderdaad niet zo vaak in een roman. Interessant is dat de auteur zijn eigen voornaam hiervoor gebruikt: Herman

Verder worden dingen niet afgemaakt
In het begin schrijft Herman: "Ja, het gaat beter met me. Toen ik vanochtend naar u keek, terwijl u haar met haar bagage de taxi in hielp, kon ik zowaar een glimlach niet onderdrukken." Nergens in het boek heb ik gelezen in wat voor zin het slecht met Herman is gegaan. Ik kan me er wel wat bij voorstellen, dat het niet goed met je gaat als je beschuldigd wordt van het laten verdwijnen van je leraar, als ook je vriendinnetje aan je twijfelt. Maar dat had ik me ook wel kunnen voorstellen zonder dat zinnetje.

Of bijvoorbeeld Stella. Mij wordt niet duidelijk waarom het een punt is dat ze in het perspectief van Herman wel wordt opgevoerd en in het perspectief van de schrijver niet. Misschien heb ik het gemist hoor. Misschien is dit zoiets wat juist heel subtiel is (wat een boek voor mij interessant maakt), maar dat ik niet scherp genoeg ben om het te ontdekken.

Zoiets heb ik ook met de zwarte-doos-passages. Ik kan er net niets mee.

Wat ik prikkelend (irritant en interessant: irrisant) vind, is dat Herman een plan heeft met de schrijver, maar dat het geen vastomlijnd plan is. Dat maakt het dreigend, zwakt de dreiging meteen weer af, of toch niet (want impulsief kunnen er rare dingen gebeuren). Dat zet ook weer aan het denken over wat hij destijds wel en niet heeft gedaan met die leraar.

Klein punt maar wel stom: de kever op de omslag is rood, terwijl de enige kever die in het boek voorkomt creme-kleurig is. Kan een knipoog naar het boek-en-film-punt zijn, maar slaat dan de plank mis, omdat dit niets met verbeelding te maken heeft.



Het verhaaltje:
Een schrijver (Herman M.) heeft een boek geschreven naar aanleiding van de verdwijning van een leraar (Landzaat) en de omstandigheden waarin dat gebeurde: hij was bij zijn ex-vriendinnetje (Laura) en haar nieuwe vriendje (Herman) (leerlingen van hem) langs gegaan en is daar verdwenen. Het boek was destijds een bestseller.
Jaren later blijkt de schrijver zonder dat hij het weet boven het bewuste vriendje te zijn gaan wonen. Het vriendje vertelt in het boek een deel van zijn versie van het verhaal, en volgt de schrijver en zijn vrouw met meer dan gemiddelde belangstelling.

zondag 12 april 2015

Het verdwijnen van Robbert van Robbert Welagen

Mijn Boekenweekboek van dit jaar. Een dikke zeven krijgt het van mij. Dat het geen acht of hoger is, heeft te maken met mijn hoge verwachtingen. Het stond in de Dikke Steinz als aanrader als je ‘Ritulen’ een goed boek vindt. Ik snap de link die gelegd wordt een beetje, hoewel ik eerder de link leg met ‘Het volgende verhaal’ van Nooteboom. In de Dikke Steinz staat overigens niet dat het net zo goed is als ‘Rituelen’. Maar dat verwacht ik dan toch een beetje, en dat is het  -voor mij-  niet. Geeft niet, een dikke zeven betekent dat ik lekker gelezen heb.
Hoge verwachtingen dus, en nog een klein puntje: Als je uitgebreid voorbereidingen treft om later te kunnen vertrekken, is dat volgens mij niet halsoverkop vertrekken. Ook niet als het moment niet vantevoren vaststaat en er min of meer van het ene op het andere moment besloten wordt om nu (de volgende ochtend) echt te vertrekken. Het boek begint met het plan om ‘halsoverkop’ vertrekken en de ik-figuur vind ook dat hij dat doet. ‘Plan’ en ‘halsoverkop’ passen niet bij elkaar, en daar heb ik dan het hele boek een beetje last van.
Goed, genoeg over waarom het geen 8 of hoger is. Het is verder een heerlijk boek. Lekker droog geschreven, qua taal en qua humor. Met af en toe uitstapjes naar iets bloemrijkere taal, precies op het juiste moment toegepast. Hij gebruikt het om het leven te beschrijven waarin hij na het verdwijnen uit zijn eigen leven en wat omzwervingen terecht is gekomen. Het klinkt allemaal heel idyllisch en net als je dat hebt gedacht, ontkent de ik-figuur het. Terug naar de droge taal, en nog eens goed nadenken.

En dat is het tweede wat ik fijn vind aan het boek. Het zet je aan het denken: over je wensen, over je leven, over wat je nodig hebt, over relaties. Het maakt dat ik zijn andere boeken ook wil lezen. Toch geen slechte tip van de Dikke Steinz.

dinsdag 25 maart 2014

Een mooie jonge vrouw van Tommy Wieringa

Mooi verhaal over de verschillende kanten van liefde. Hoe je veel van iemand kan houden, een heel goede klik kan hebben, en toch na verloop van tijd in een liefdeloze (of -arme) situatie terecht kan komen.
Mooie taal en dus lekker lezen. Verder medium interessant.



(Leeftijds)verschil
Edward is ouder dan Ruth en heeft daar moeite mee als hij ermee geconfronteerd wordt.
Tegen het einde van het verhaal: "Zij had zich aan zijn leeftijd aangepast, in plaats van aan zijn karakter. Ja, zo was het gegaan: zij werd ouder door hem en hij werd nog ouder dan hij al was door haar."

Maar uiteindelijk blijken Ruth en Edward op meer punten te verschillen: zij is idealistisch, vegetarisch; hij gebruikt proefdieren (weliswaar voor het zoeken naar een medicijn), laat zich fêteren door de farmaceutische industrie. Zij vindt dat dat niet kan, (maar als hun zoontje ziek is/lijkt gebruikt ze gretig allerlei medicijnen van diezelfde fabrikant zonder vragen te stellen.)

Jaloezie
Edward is licht jaloers. Ruth is een mooie jonge vrouw. Ze krijgt regelmatig drankjes aangeboden van andere mannen, die hij dan achteroverslaat.
Uiteindelijk is hij degene die vreemd gaat (en dat kost hem vervolgens min of meer zijn baan)

Pijn (ik heb hier niet zo veel mee, maar het valt op in het boek)
"Dus om de pijn van de kip te kunnen navoelen, moet je die zelf ervaren hebben... Wat is dan kippenpijn, volgens jou?'
'Angst en verwarring,' zei ze onmiddellijk."
"Misschien was dit zijn pijn, dacht hij, de pijn die Boeddha genoemd had als een van de voornaamste bronnen van lijden: het scherpe bewustzijn van het verval."
Ik kan de citaten niet vinden dus ik jat even uit een andere recensie:

"... hij Jeremy Bentham aanhaalt, die het heeft over wezens die weliswaar niet kunnen praten en redeneren, maar daarom nog wel kunnen lijden. Dat dieren wel pijn ervaren maar niet lijden omdat het een dier onder andere aan het vrezen van dat lijden ontbreekt, brengt de viroloog Edward Landauer op het idee dat er een nieuwe taxonomie van dat lijden moet komen. Een classificatie gebaseerd op gemeten pijn, die ervoor gaat zorgen dat dieren niet langer het recht op lijden wordt ontzegd. En even herkent hij in zichzelf weer het enthousiasme van toen hij voor een doorbraak van het aidsonderzoek zorgde."
Ook in dit rijtje: Ruth die dierlijk loeit van de pijn tijdens de bevalling.

Uiteindelijk verlaat Edward Ruth (en Morris) of hij gaat in ieder geval het huis uit. In eerste instantie nog wel met het idee terug te keren.
"De uiterste consequentie van haar gedachten, dacht hij toen hij nog altijd niet in slaap kwam, was dat de ziekte het huis moest verlaten. Ze was niet zover gegaan om dat te zeggen, maar dat kon elk moment gebeuren.
Eigenlijk, dacht hij weer later, vonden ze allebei dat hij het huis uit moest. Zij omdat het hun kind zou genezen, hij omdat het zou bewijzen dat het geen effect had op zijn gezondheidtoestand. Het zou zijn onschuld bewijzen. Dat zou zijn strategie zijn, zodat hij op een dag zijn leven als ziekte achter zich kon laten en weer vader en echtgenoot kon zijn. Ja, het was voor iedereen het beste als hij een tijdje uit het zicht verdween."
Hij gaat naar zijn zwager die met zijn zoon in een vakantiehuisje logeert dat Edward voor hem geregeld heeft. Edward had alles voor elkaar, was verantwoordelijk, zijn zwager niet. Toch zitten ze uiteindelijk beiden in dat huisje.
"'Ik heb er een puinhoop van gemaakt, 'mompelde Edward. De eerste zin van een brief die niet voltooid word. Friso zweeg en Edward voelde een spoor van sympathie voor hem, om zijn discretie, omdat hij wist hoe het was om alles te verliezen."
Zijn laatste college voor de zomervakantie vertelt hij een persoonlijk verhaal over een kip die hij redt als hij jong is. Hij eindigt in tranen.

Herkenbaar citaat:
"Soms betrapte hij zich op de gedachte: kom nu maar terug moeder, het heeft nu wel lang genoeg geduurd."