Posts tonen met het label Schiedam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Schiedam. Alle posts tonen

zaterdag 25 april 2020

De heer Mellenberg van JMA Biesheuvel

Een kijkje in het hoofd van een gek en in het leven in een gekkenhuis. Ik vind het wel fijn en grappig. Het is niet te hysterisch, niet te onbegrijpelijk, lekker vlot geschreven. Ik word meegenomen.

Maarten is de Messias en ontdekt in het gekkenhuis Mellenberg. Mellenberg is het niet met hem eens over dat Messias-zijn en vraagt naar zijn echte naam. Maarten bewondert de nuchterheid van Mellenberg en besluit zijn volgeling te worden. Mellenberg is al lang, heel lang, bezig met een artikel. Hij wil het typen op zijn Remmington, maar die krijgt hij niet van de directeur, en zo nog wat dingen.

De heer Mellenberg is het eerste korte verhaal in In de bovenkooi van Maarten Biesheuvel en smaakt naar meer.

zaterdag 24 november 2018

Schiedam in het boek 'Meisjes'

Uit 'Meisjes' van Jan Rot:


"Glazig kijk ik van mijn vriendjes weer naar de tekst op het scherm. Hij wil met me! Achttien! Uit Schiedam!"

vrijdag 23 november 2018

Stadskraan

Kom ik toch zomaar Schiedam tegen in een oud rijmpje. Niet al te flatteus misschien, maar het maakt niet uit hóe ze je noemen als ze je maar noemen (of misschien toch niet, nou ja)*.
Had reeds het Instrument
Van ouds genaamd de kraan
Ten dienste dezer stad
Twee eeuwen lang bestaan
Maar moest, schoon sterk genoeg
Om half Schiedam te ligten
Voor een gegoten beeld
In deze dagen zwichten
O, kinderen van de kraan
Wat werk hebt gij begonnen
Zie nu, een Britsche hoer
Heeft kraantje overwonnen
Het gaat over hoe de stadskraan van Utrecht in 1837 bezweek bij het op de kade tillen van de laatste kariatide voor de Winkel van Sinkel.

Schiedam had natuurlijk ook een stadskraan, op de Lange Haven.
Ansicht van Henri Rebers, gevonden via Scyedam.nl

*Edit: Blijkbaar (volgens Jellie van der Meulen) werden de Griekse gietijzeren dames vervoerd met een (of de?) Schiedamse schuit, en wordt het lossen van goederen uit Schiedam bedoeld. Klinkt het toch al weer beter.

maandag 4 september 2017

Het is maar bloed van Jerry Hormone

'Het is maar bloed', ik heb er lekker in zitten lezen en de verhalen vermaakten me prima, ondanks dat ik niet van bloed en grof taalgebruik houd. Het valt wel mee hoor op de schaal van grofheid, maar ik ben op dat gebied gevoelig. Dus liever 'bips' in plaats van 'kont', 'poep' in plaats van 'stront', en 'vrijen' in plaats van 'neuken'. Overigens best mogelijk dat ik het te zijig had gevonden als hij die 'nettere' woorden had gebruikt. Zo ben ik dan ook wel weer.

Hormone schrijft met humor tragische verhalen. Lekker down-to-earth conversaties en beschrijvingen, alsof je er zomaar naast had kunnen staan. De meeste hoofdpersonen komen op mij over als onzekere jonge mannen die niet voor zichzelf opkomen. Een aantal verhalen had zo in de Viva kunnen staan, maar dan met een vrouw als hoofdpersoon, en gevolgd door commentaar van een zelfhulpcoach die vertelt hoe ze weerbaarder kan (en móet) worden.

'Roald-Dahlachtig' had ik in een recensie gelezen. En inderdaad, een aantal verhalen heeft dat zeker. Licht lugubere of absurde wendingen, goed gedoseerd.

Ik kocht het boek omdat Jerry bij ons zijn nummer voor de Piet Paaltjens-cd kwam opnemen. Het maakte me nieuwsgierig. Ik ben bevredigd.





maandag 25 november 2013

Verbrande erven - een plaatsbeschrijving van Bordewijk (uit: Bij gaslicht)

Ik heb nu de versie gelezen die in de tweede druk van "Bij gaslicht" staat. Het is ook los verschenen onder pseudoniem Emile Mandeau.


Is natuurlijk extra interessant omdat het over Schiedam gaat. Een boerenmeisje, Neel, gaat logeren bij haar tante met gezin in de stad. Uitvoerig wordt de stad beschreven als zij er doorheen loopt. (Daarbij wordt af en toe verwezen naar een archivaris die het anders zou brengen.) Een deel is herkenbaar:
"Langs het water van de Lange Haven met de grote herenhuizen, door oude pakhuizen onderbroken, was het toch wel deksels mooi, ..."

Maar ik begrijp de beschreven daken niet (die ze ziet als ze op de toren staat) "En van een vierkant pand zag zij het zwarte dak, vierkant opgeglooid, en in het midden was het als verdwenen, schuinsweg ingezonken tot een puntdak, maar dan ondersteboven, de punt omlaag. - Dat is de distilleerderij van Schewe, zei de man."
Ook het leven in de stad krijg je zijdelings mee. Neels oom -Pa Baas- is meesterknecht.
Verder valt het verschil tussen boerenkinderen en stadskinderen op. Neel zegt een paar keer wat over het weer, maar opvallender is dat ze vrijpostiger is en erop los liegt, terwijl de stadskinderen dat zondig vinden en ook veel beter luisteren naar hun moeder. Overigens vertelt Neel graag verhalen. Bijgeloof speelt daarin een rol, en de grens tussen liegen en verhalen vertellen is onduidelijk.
Er is aantrekkingskracht tussen Neel en de oudste zoon, maar hij vindt haar te boers gekleed en haar tanden en tandvlees lelijk terwijl ze verder best knap is. Hij mijdt haar.

Neel ziet op verschillende plekken een kat, of tenminste kattenogen. Het begint al als ze aankomt met de trein. Wat is het precies? Levendige fantasie?

En ik wist niet wat een okshoofd is:
Een okshoofd is een inhoudsmaat in de vorm van een groot vat, dat vroeger voor wijn gebruikt werd. De maat wordt echter ook gebruikt voor azijn, bier, tabak en suiker. Een okshoofd bevatte zes ankers (een klein vaatje van 35 liter, ofwel 45 flessen.).
De Engelse naam voor een okshoofd is hogshead. In het Frans heet een okshoofd Barrique, of Pièce.
Als verklaring voor het woord wordt soms genoemd dat het vat zo groot was, dat er een ossenhoofd in paste. Deze verklaring lijkt echter onwaarschijnlijk.

zaterdag 23 maart 2013

Acte van verlating van Lévi Weemoedt

Ik dacht altijd dat het zware diepgravende poezie was, waarschijnlijk door de titel en de naam van de schrijver. Ik heb het niet allemaal gelezen, maar wat ik gelezen heb, is eerder column-achtig en sowieso geen poezie. Vrolijk is het ook weer niet, dat niet.
Het eerte verhaal gaat over de Gorzen in Schiedam. Het gaat over de somberheid van de wijk en vooral over de rommelmarkt van Toontje, 'het negatief van een museum. Alle onbelangrijke stijlen en tijdperken uit de recente kunstgeschiedenis zijn hier bijeengebracht ...'

donderdag 6 december 2012

Het duister dat ons scheidt van Renate Dorrestein

Een boek dat je grijpt met enige afstand. Identificeren met één van de vertellers is moeilijk. Maar het verhaal is echt, voelt althans echt. Je wil dat er gesproken wordt, uitgesproken, hulp gezocht. Het einde is veelbelovend, maar zodra ik dit opschrijf bedenk ik dat er meer veelbelovende momenten waren. Met één verschil: de waarheid is nu bekend. Als het tenminste de waarheid is, maar weinig redenen om daaraan te twijfelen.
De invalshoek van het alwetende kind vind ik verrassend, verfrissend, maar is misschien ook wel wat de afstand schept. Het contrast tussen het kinderperspectief en de pesterijen is vooral in het eerste deel pijnlijk.

Een paar toevaligheden te veel naar mijn smaak, bv.oud-klasgenootjes die bijna verdrinken op het eiland waar Loes cs heen gevlucht zijn. Maar omdat ze niet essentieel zijn voor het boek nmm niet al te storend. Was het niet mooi geweest om Loes de Luco's te laten redden? Dat moeder en dochter feitelijk allebei de Luco's hebben gered? Past niet in het beeld dat we van de relatie Loes-Luco's moeten krijgen, denk ik.

Boek verzorgd in Schiedam. Whatever dat mag betekenen, toch leuk.