Ik heb moeite met de opgeschroefde professor in dit verhaal. Niet omdat ik niet van opgeschroefd houd (hoogdravend bedoel ik, maar 'opgeschroefde professor' klinkt zo mooi), maar juist omdat ik hem net iets te vaak niet begrijp als hij ingewikkeld doet en daar kan ik niet zo goed mee omgaan. Best lastig aangezien hij de verteller en hoofdpersoon is.
Dat zegt wat over mij en dat vind ik goed aan Peachez. Een boek dat me aan het denken zet. Functioneel lelijke en enkele mooie volzinnen, vaak de draad kwijt, maar dat hoort erbij en dat vind ik knap.
Gelukkig is het boek ook af en toe grappig. En ach, wat krommen mijn tenen en wil ik hem toeroepen als het over zijn versloffende voorbereiding van het congres gaat, maar eendimensionaal is (ook) dat wel. Het boek wordt nergens zuur en dat vind ik heel prettig.
De hoofdstukken over het nu, over zijn tijd in de gevangenis zijn prettiger om te lezen, hoewel ik de running gag over de advocaat die elke gebeurtenis aanduidt als gebruikelijk en niet op te vatten als een signaal, niet briljant leuk of functioneel vind.
Het doet me een beetje denken aan Rituelen, misschien door de beschouwingen over het geloof en de liefde, ook al komen die van de opgeschroefde professor. Rituelen vind ik overigens wel veel fijner om te lezen, ondanks dat of misschien juist wel omdat het me opzadelt met een goede hoeveelheid vraagtekens.
Ik vind het verhaal best oké. Dat is overigens wel het interessantste als je het verloop niet kent, hoewel het ook dan niet al te verrassend is (maar je kunt ten minste hopen) Dus lees vooral de beschrijving niet!
Het contrast tussen de professor en Sarah is groot, ook in taalgebruik. Het wijdlopige en archaïsche van de professor komt me hooguit wat overdreven over, maar raakt wel de juiste snaar. De taal die Pfeiffer de jongere, streetwise Sarah in de mond legt, verrast me nergens en daar ben ik te oud en te keurig voor.
Ik zou nog graag iets ongeloofwaardigs aanstippen: Waarom haalt hij haar niet naar zich toe (hij probeert het niet eens), in plaats van met zijn vliegangst in een vliegtuig te stappen? Waarom is hij niet verbaasd dat zij zijn vliegtickets kan betalen? Dat past niet in het eerder door haar geschetste plaatje van niet al te ruime financiën. Liefde maakt blind maar niet voor het verhaal van je geliefde toch? Maar het is gebaseerd op een waargebeurd verhaal, dus dit punt houdt geen stand.
Ach misschien hoort het bij het boek en het verhaal: Wat is waar? Wat natuurlijk ook aardig gesymboliseerd wordt door de woonplaats van Sarah: Las Vegas. Zijn woonplaats beschrijft hij overigens vrij exact, maar bestaat volgens mij niet echt. En last but not least: in het motto van zijn congres maait hij al het gras voor de voeten van 'dat geloof je toch niet'-criticasters weg.
O ja: ‘Dat mijn woning een vrouwenhand ontbeerde, was uitsluitend zichtbaar aan de omvang van mijn bibliotheek,’ is natuurlijk klinkklare onzin!
Als je houdt van Latijn, mythologie, liefdesverhalen en om kunt gaan met soms taaie taal en wat cliché's is Peachez een aanrader.
Ik schrijf, vaak over Nederlandse literatuur, soms over andere (taalgerelateerde) zaken. Het zijn persoonlijke observaties en weergaven. Ik lees het eerlijk gezegd graag terug. U bent welkom om mee te lezen. Ik vind het leuk als u er iets aan heeft (plezier, inspiratie, informatie, ...)
Posts tonen met het label 1e druk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 1e druk. Alle posts tonen
zondag 17 mei 2020
donderdag 31 maart 2016
Underdog van Elfie Tromp
Ik ben de laatste tijd weer wat meer aan het lezen en ik heb een paar juweeltjes gelezen. Toch is het lang geleden dat ik een boek zo snel heb uitgelezen als 'Underdog' van Elfie Tromp. (dit blogje is eigenlijk niet af, maar ik ben al weer door aan het lezen.)
Het gaat over twee werelden (gamen, en hondenfokkers en -shows) die ik allebei niet ken, maar nergens heb ik het gevoel dat ik het helemaal niet meer snap.
De taal is down-to-earth, maar zeker niet afstandelijk of saai. Het boek wemelt van de zinnen die ik zou willen citeren. Een heel enkele keer druipt het citaatwaardige er iets te veel vanaf voor mij, maar voor het overgrote deel, is het gewoon heerlijk.
De hele familie houdt dingen voor elkaar achter, is daar strategisch mee bezig. Maar ze lijken ook allemaal min of meer van goede wil, willen aardig tegen elkaar zijn.
Het verhaal bevat een aantal typische personages.
Rein
Rein is de gamer van de familie. Hij heeft een 'stoornis'. Welke wordt niet benoemd, maar er komen flink wat kenmerken naar boven die voor zover ik weet bij autisme (of iets wat daar op lijkt) horen.
Niet per se mooie quotes, maar dit is hoe Rein wordt neergezet:
"Het peertje van aan het plafond is al weken stuk. Rein heeft geen zin om het te vervangen. Dan moet de trapleer naast de koelkast pakken, die naar zijn kamer slepen, uitklappen en beklimmen. Dat zijn vier handelingen te veel voor hem. Bovendien is licht schijnveiligheid. Sinds het kampuvuur maakt de mens de denkfout dat het veiliger is als hij alles kan zien, maar licht maakt juist kwetsbaar."
"Geen groet erbij, geen smiley of slijmerig compliment. Gewoon feiten. Dat vond Rein fijn."
Adelien
De zus van Rein. Heeft business administration gestudeerd, is ambitieus en wil graag kinderen. Omdat haar man Freek in dat laatste niet zo geïnteresseerd is, is ze stiekum met vruchtbaarheidsbehandelingen bezig.
Ze wil graag de kennel uitbouwen, een nieuwe richting inslaan. Ze zit daar een stuk zakelijker in dan haar moeder, hoewel haar vader haar te optimistisch vindt.
Ze wil graag een goede relatie met Rein, maar denkt daarin vooral vanuit haarzelf, en gebruikt Rein misschien net iets te vaak voor haar eigen doelen om de goede wil goed tot zijn recht te laten komen.
Vera
De moeder van het gezin.
Diederik
"Vader Diet - Diederik voor vreemden - zit aan het hoofd"
Geeft zijn dochter zakelijk advies, mn mbt netwerken.
Ook Diet en ook over Rein:
"Hij schudt de irritatie van zich af. Het is een mooie avond. We zijn bij elkaar, we hebben te eten, prent Diet zich in. Rijkdom. Hij heft zijn glas.
'Op de winnaars.'
Voorzichtig tikken Adelien en Vera aan. Rein eet door. Hij houdt niet van zalm, maar nog minder van loze gebaren."
Een van de assistenten van Bonilla heet Dieter. Dat lijkt veel op Diet
Karin
Leider van het gameteam. Terminaal ziek. Rein en Karin hebben een speciale band, lijken verliefd (te worden)
Woont in Zaandam.
Freek
Derde generatie familiebedrijf: tennisballenfabriek
vliegert fanatiek (om bij Adelien weg te zijn?)
Bonilla
Heeft hij nou ook een bordeel? (zie p. 36)
Is enerzijds goed voor zijn personeel en honden, maar anderzijds voelt hij zich superieur ("Nooit gedacht dat hij zich zo aan een Aboriginal zou hechten." en doodt hij niet alleen nutteloze dieren, hij martelt ze ook.
Veel kleine verhaallijntjes, grapjes. Die niet afleiden.
Reins huisgenote blijkt Amy te heten. Hij denk dat ze Emmely heet, of Emma. Iets met een e. Ik schiet ervan in de lach en het is tegelijkertijd illustrerend voor Reins (gebrek aan) interesse in de mensen om hem heen.
De pottenbakker
De dierenarts
"'Australië!' jubelt Adelien. 'Precies wanneer wij er zijn. Ik bedoel: beter wordt het niet. We kunnen Marquis daar wereldkampioen maken. Wereldkampioen!' ...
'Het is meant to be', zegt Vera.
'Of niet', zegt Rein. 'Misschien wint Marquis niets en is Gilly onvruchtbaar.' ...
'Tja', zegt Vera. 'Risico is deel van het vak.'
'Bedankt voor je enthousiasme', zegt Adelien.
Dit schijnt een kruising tussen een shih tzu en een mopshondje te zijn. De 'huishondjes' van de familie. "Langharige varkentjes met platte neuzen en korte lijfjes."
Het gaat over twee werelden (gamen, en hondenfokkers en -shows) die ik allebei niet ken, maar nergens heb ik het gevoel dat ik het helemaal niet meer snap.
De taal is down-to-earth, maar zeker niet afstandelijk of saai. Het boek wemelt van de zinnen die ik zou willen citeren. Een heel enkele keer druipt het citaatwaardige er iets te veel vanaf voor mij, maar voor het overgrote deel, is het gewoon heerlijk.
De hele familie houdt dingen voor elkaar achter, is daar strategisch mee bezig. Maar ze lijken ook allemaal min of meer van goede wil, willen aardig tegen elkaar zijn.
Het verhaal bevat een aantal typische personages.
Rein
Rein is de gamer van de familie. Hij heeft een 'stoornis'. Welke wordt niet benoemd, maar er komen flink wat kenmerken naar boven die voor zover ik weet bij autisme (of iets wat daar op lijkt) horen.
Niet per se mooie quotes, maar dit is hoe Rein wordt neergezet:
"Het peertje van aan het plafond is al weken stuk. Rein heeft geen zin om het te vervangen. Dan moet de trapleer naast de koelkast pakken, die naar zijn kamer slepen, uitklappen en beklimmen. Dat zijn vier handelingen te veel voor hem. Bovendien is licht schijnveiligheid. Sinds het kampuvuur maakt de mens de denkfout dat het veiliger is als hij alles kan zien, maar licht maakt juist kwetsbaar."
"Geen groet erbij, geen smiley of slijmerig compliment. Gewoon feiten. Dat vond Rein fijn."
Adelien
De zus van Rein. Heeft business administration gestudeerd, is ambitieus en wil graag kinderen. Omdat haar man Freek in dat laatste niet zo geïnteresseerd is, is ze stiekum met vruchtbaarheidsbehandelingen bezig.
Ze wil graag de kennel uitbouwen, een nieuwe richting inslaan. Ze zit daar een stuk zakelijker in dan haar moeder, hoewel haar vader haar te optimistisch vindt.
Ze wil graag een goede relatie met Rein, maar denkt daarin vooral vanuit haarzelf, en gebruikt Rein misschien net iets te vaak voor haar eigen doelen om de goede wil goed tot zijn recht te laten komen.
Vera
De moeder van het gezin.
Diederik
"Vader Diet - Diederik voor vreemden - zit aan het hoofd"
Geeft zijn dochter zakelijk advies, mn mbt netwerken.
Ook Diet en ook over Rein:
"Hij schudt de irritatie van zich af. Het is een mooie avond. We zijn bij elkaar, we hebben te eten, prent Diet zich in. Rijkdom. Hij heft zijn glas.
'Op de winnaars.'
Voorzichtig tikken Adelien en Vera aan. Rein eet door. Hij houdt niet van zalm, maar nog minder van loze gebaren."
Een van de assistenten van Bonilla heet Dieter. Dat lijkt veel op Diet
Karin
Leider van het gameteam. Terminaal ziek. Rein en Karin hebben een speciale band, lijken verliefd (te worden)
Woont in Zaandam.
Freek
Derde generatie familiebedrijf: tennisballenfabriek
vliegert fanatiek (om bij Adelien weg te zijn?)
Bonilla
Heeft hij nou ook een bordeel? (zie p. 36)
Is enerzijds goed voor zijn personeel en honden, maar anderzijds voelt hij zich superieur ("Nooit gedacht dat hij zich zo aan een Aboriginal zou hechten." en doodt hij niet alleen nutteloze dieren, hij martelt ze ook.
Veel kleine verhaallijntjes, grapjes. Die niet afleiden.
Reins huisgenote blijkt Amy te heten. Hij denk dat ze Emmely heet, of Emma. Iets met een e. Ik schiet ervan in de lach en het is tegelijkertijd illustrerend voor Reins (gebrek aan) interesse in de mensen om hem heen.
De pottenbakker
De dierenarts
"'Australië!' jubelt Adelien. 'Precies wanneer wij er zijn. Ik bedoel: beter wordt het niet. We kunnen Marquis daar wereldkampioen maken. Wereldkampioen!' ...
'Het is meant to be', zegt Vera.
'Of niet', zegt Rein. 'Misschien wint Marquis niets en is Gilly onvruchtbaar.' ...
'Tja', zegt Vera. 'Risico is deel van het vak.'
'Bedankt voor je enthousiasme', zegt Adelien.
Dit schijnt een kruising tussen een shih tzu en een mopshondje te zijn. De 'huishondjes' van de familie. "Langharige varkentjes met platte neuzen en korte lijfjes."
Een stafford
Saluki, een Perzische windhond
Abonneren op:
Posts (Atom)



