Posts tonen met het label kinderboek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kinderboek. Alle posts tonen

zaterdag 10 oktober 2020

Het wilde dierenorkest van Dan Brown

Het wilde dierenorkest is een prentenboek met een app met bijpassende muziek. De tekst en de muziek zijn geschreven door Dan Brown. Susan Batori maakte de prenten en het Zachreb Festival Orchestra voerde de muziek uit.

Het is een boek met mooie prenten. De tekeningen zijn grappig, schattig en er is van alles te zien, maar niet zoveel dat je het overzicht kwijtraakt. Ik vind het fantastisch dat er mooie, passende muziek bij is gemaakt.

Het wilde dierenorkest

Het boek moet het niet hebben van de tekst. Ik weet niet of dat aan de schrijver of de vertalers ligt. De versjes doen ouderwets aan. Het is allemaal een beetje stijf. Jantje zag eens pruimen hangen maar dan zonder de charme bijna 250 jaar oud te zijn. 

Ook inhoudelijk is het niet altijd scherp. Sommige elementen lijken er echt bij gesleept. Waar komt ineens de vriendschap bij het gordeldier vandaan? En waarom zouden we de walvis verdriet doen? Ik kan me nog best iets voorstellen bij verdriet en de walvis; ik vind walvissengeluid melancholisch klinken. Maar het gedichtje in dit boek gaat erover dat de walvis groot en aardig is. Halverwege wordt betoogd dat zijn gezang swingt (die associatie heb ik niet en hoor ik ook niet terug in de muziek). Vervolgens wordt uitgelegd dat dat is hoe de walvis praat en ineens worden we vermaand hem geen verdriet te doen. Huh? Daar is helemaal geen aanleiding toe, dat waren we niet van plan!

Elke (dubbele) bladzijde in het boek is voor een ander dier. Elk dier krijgt zijn eigen rijmpje en zijn eigen prent. Het is leuk dat de gedichtjes zelfstandig leesbaar zijn, maar ik vind het jammer dat er alleen maar een impliciete link is met de muziek (en niet eens altijd een adequate). Er wordt in de tekst geen verbinding gemaakt tussen de dieren en nergens lees ik iets wat mij doet vermoeden dat de dieren samen in een orkest gaan spelen.

Gelukkig zíe ik dat wel: de dieren figureren bij elkaar en hebben dan hun instrument bij zich. Alleen de walvis heb ik nergens anders kunnen ontdekken dan op zijn eigen pagina. Misschien omdat hij zo groot is of omdat ik nog niet goed genoeg heb gezocht. Ik vind het grappig om de dieren bij elkaar over de pagina te zien lopen. Ook in de tekeningen wordt trouwens lang niet altijd verbinding gemaakt, maar ze komen in ieder geval bij elkaar langs.

De muziek vind ik heerlijk en passend. Het klinkt klassiek en niet oubollig. Super om kinderen zo naar muziek te laten luisteren. Kun je zelf ook genieten.

Mijn favoriet is Het jagende jachtluipaard. Alle drie de elementen zijn goed bij het jachtluipaard. Dit gedicht is losser en ook al zit er een verrassend element in, dat element past wel en hoeft ook niet ingeleid te woorden (voor wie dit te geheimzinnig vind: het jachtluipaard rust uit in een apenbroodboom). Om de illustratie moest ik echt hardop lachen en de muziek is spannend en past supergoed.

Het jachtluipaard
Screenshot uit de app, tekening van Susan Batori

Al met al is Het wilde dierenorkest echt een goed boek. Een goed prentenboek met goede muziek erbij en als bonus zijn er ook nog raadsels verstopt in het boek, echt Dan Brown dus. Ik sla gewoon de meeste tekstjes over als ik het ga herlezen. Wie weet inspireert het boek nog tot het zelf verzinnen van soepele verhaaltjes of rijmpjes. Laat de creativiteit maar stromen.

vrijdag 2 oktober 2020

Reptielen - sleutelreeks

Gekregen van de buurman. 
Schitterend toch? Vooral de kleuren roepen herinneringen op.
 





zondag 24 mei 2020

Jij bent de liefste van Hans & Monique Hagen

Wat een fijne lieve gedichten! Heerlijk om met een kindje te lezen, of gewoon alleen of met je geliefde. Het is ook nog eens aandoenlijk geïllustreerd door Marit Törnqvist. Echt een aanrader.

Veel lieve gedichten, maar ook over andere onderwerpen.

Jij bent de liefste - kinderpoëzie

zaterdag 16 februari 2019

Wipneus en Pim vangen drie sneeuwspoken

Oei een foutje in een boek. Een paar verkeerd geplaatste komma's kan ik nog wel hebben, maar 'enigste' komt meerdere keren voor en ook 'gehad' in plaats van 'gekregen' vind ik moeilijker te verkroppen. Slechte voorbeelden dus in dit boekje, maar de schrijver van dit deeltje was in wel meer, veel ergere, opzichten niet het beste wat een kind kan overkomen.

Tja, verder is het natuurlijk een leuk boekje. Een spannende strijd tussen drie sneeuwspoken en onze kabouters. Daarmee bedoel ik niet alleen Wipneus en Pim, want hoewel zij aan het einde 'de held van de dag' zijn, hebben andere kabouters minstens zo'n grote rol bij het vangen van de sneeuwspoken. Het is, zoals Wipneus ook al opmerkt, hun eerste avontuur in hun eigen paleis (dus zonder reis).

Ik vind het wel mooi dat de straf voor de sneeuwspoken (die eigenlijk heksen zijn) democratisch bepaald wordt. De kabouters kiezen 100 uur rennen, met als idee dat ze zo ver weg van Kabouterland raken, dat ze nooit meer terug kunnen komen. (Nou maar hopen dat ze niet ergens halverwege omdraaien.)

Wipneus is de held van het duo dit keer. Pim neemt nog wel de leiding bij het maken van een pad door het ijs. Maar Wipneus krijgt de leiding bij het wacht houden en gevangen nemen van de heksen. Die rol vervult hij prima. Hij is ook degene die bedenkt dat de heksen niet zomaar van het drankje zullen drinken, én die daar een oplossing voor heeft.

Gewoon omdat het kan een zin die ik leuk vond:

'Het is niet zo belangrijk, wat het is, maar het moet wel lawaai maken, als je er tegenaan stoot. Dus geen bal of handdoek.'

Nog even wat trivia

Zou koning Goedhart een ander ontbijt krijgen dan zijn kabouters? In Wipneus, Pim en het circus (1960) vond hij pap nog heel vies. Nu wordt het gezamenlijke ontbijt beschreven als: 'Na een lekker bordje pap volgen er nog een paar boterhammen met kaas ...'

Als koning Goedhart een pijp rookt, heeft hij een boze bui.

Pim wordt slim genoemd ('Wipneus en de slimme Pim ...') en nieuwsgierig. (Maar Wipneus is in dit verhaal duidelijk de slimmerik.)

Wipneus en Pim slapen blijkbaar op de bovenste verdieping, samen op een kamer.

Tovermiddelen

Als tovermiddelen gebruiken Wipneus en Pim dit keer:
  • De zonneparel van koningin Rosalinda, die ze krijgen in Wipneus en Pim en de Zonneparel (1964 van broeder Wichard)
  • Een hardloopdrankje van dokter Knippeling.
De toverballen van tante Boterbloem hebben ze bij de hand (wie er eentje inslikt, verandert een uur lang in een dier), maar gebruiken ze niet. De toverballen hebben ze al sinds Wipneus, Pim bij de rovers (1950, van broeder Bruno).

Ze maken ijswater en ijszalf buit, maar ik weet niet of ze dat bewaren. De bezemstelen van de heksen moeten vernietigd worden van de koning.

woensdag 7 juni 2017

Prins Wipneus en zijn vriendje van B. van Wijckmade

Dit is het eerste deeltje van de serie. Wat mij opvalt is, dat Wipneus en Pim een groot deel van het avontuur gescheiden doorbrengen. Ze zijn wel dikke vriendjes en trekken er samen op uit, maar als het avontuur begint raken ze al gauw gescheiden.

Wipneus is eigenlijk weinig held in dit verhaal. Hij wil in het begin al niet naar de andere boot varen (wat overigens verstandig was geweest). Waar Pim heftig tegenstribbelt, laat Wipneus zich gewoon gevangen nemen. Wipneus wordt pas een beetje opstandig als hij al heel hard heeft gewerkt voor de tovenaar en het dan nog niet goed genoeg is. Dan wordt hij gered door Fleuretta de elfenkoningin, daar hoeft hij zelf weinig heldhaftigs voor te doen.
Pim ontsnapt zelf. Hij moet vervolgens wel gered worden van zee door de Watermannetjes, maar toch. En vervolgens redt hij de Watermannetjes van de draak. Pim is een echte held, hoewel hij later zich ook weer laat betoveren samen met de Watermannetjes en ze gered moeten worden door de Bloemenelfjes.

Het doden van de draak gaat met een hoop geweld en bloed. Ook eerder heeft Pim al gedroomd dat hij de tovenaar hard staat te slaan terwijl deze al vastgebonden is. De kinderziel hoeft blijkbaar niet gespaard te worden van geweld.

Er komen weinig vrouwen of meisjes in de verhalen voor, zo zijn er alleen maar kabouterjongens en geen kaboutermeisjes. Ik roep altijd dat ik niet zoveel met feminisme heb, maar ik vind het toch leuk dat de echte helden van dit verhaal meisjes zijn.
De koningin krijgt daarvoor overigens drie keer een hand. Zouden dat oorspronkelijk zoenen geweest zijn? Zoenen die 'eruit gecorrigeerd' zijn?

Wat er pas veel later uit gecorrigeerd is, zijn de wat incorrecte teksten over negers, bijvoorbeeld:  "... net een neger; Brrr... om er kippevel van te krijgen."

Pim scoort in dit verhaal hun eerste bijzondere vervoersmiddel: De zilveren vis (genaamd Pim), een bootje met een afdak, dat heel snel kan varen. Volgens mij komt die later nog terug.

Verder opmerkelijk: Pim wordt mager genoemd in dit verhaal. Ik dacht dat hij in andere verhaaltjes neergezet werd als een beetje een dikkerd, in ieder geval als een kaboutertje dat veel van eten houdt.


Het verhaal: Wipneus en Pim zijn voor de lol aan het varen op de Sprookjeszee. Ze zien lichtjes, varen eropaf en worden gevangen genomen door een tovenaar. Pim ontsnapt, maar verdwaalt op zee. Hij wordt gered door de Watermannetjes, die hij dan vervolgens weer redt van een draak. Samen gaan ze op pad om Wipneus te redden. De tong van de dode draak gaat ze daarbij helpen, want die kan mensen verlammen.
Wipneus is intussen al gered door de koningin van de bloemenelfjes. Zij gaat Pim zoeken en ziet dat de reddingspoging van de Watermannetjes en Pim mislukt; de tovenaar verandert ze in kikkers. Ze gaat versterking halen. Samen met Wipneus en haar Bloemenelfjes vangt ze de tovenaar en zijn matrozen (met brandnetels), en onttovert de Watermannetjes. 

Voor een behoorlijk compleet verhaal over Wipneus en Pim, zie inzichten.nl

donderdag 14 mei 2015

Wipneus, Pim en het circus van BJ van Wijckmade

Is het puur jeugdsentiment dat ik zo kan genieten van de boekjes van Wipneus en Pim? Ik denk inderdaad dat de nostalgie de grootste component is. 

Qua taalgebruik kan ik ook altijd wel genieten van wat -hoe zal ik het noemen- archaïsch taalgebruik: Koning Goedhart die 'akelig' wordt bij de aanblik van pap, omdat hij niet van pap houdt. En de circusdirecteur die 'het land heeft aan' dezelfde pap. Een goede basis voor vriendschap overigens, die gezamenlijke afkeer.

Het wemelt van de kleine grappige stukjes, en ik vind bijvoorbeeld dit stukje, nog steeds over de koning die niet van pap houdt, erg leuk: 

"Maar als hij een lepel pap in zijn mond stak, deed hij altijd zijn ogen dicht en ondertussen probeerde hij heel vlug een moeilijke som uit te rekenen, b.v. 36 x 43, of 628 :19."

Het is herkenbaar, en ik betrap mezelf erop dat ik in de verleiding kom om die sommen uit te rekenen. Die eerste lukt nog wel uit het hoofd met wat concentratie: 1.548. Die tweede vind ik lastiger en dan heeft de leespauze ook al te lang geduurd en lees ik verder.


Verder gebeuren er wat verrassende dingen, die ik in 'grotemensenboeken' te toevallig zou vinden. Wipneus en Pim die gevangen worden genomen door de dief van de tijger die ze aan het zoeken zijn, en die dan ook nog eens per ongeluk geholpen worden bij hun ontsnapping door de andere dieven waar ze nog een appeltje mee te schillen hebben. Maar dat kan ik in dit geval goed hebben.

Er wordt ook nog even een sociaal/maatschappelijk fenomeen aangehaald: de vergane glorie van de adel. Deze verarmde baron wordt meteen ook in een kwaad daglicht gesteld. Niet alleen domme boeven die vroeg van school gegaan zijn, zijn slecht ;)
O, en nog een (christelijke?) boodschap: Kaboutertjes helpen altijd, ook al is degene die geholpen moet worden niet zo aardig.

Pim is duidelijk de held van dit verhaal: hij gaat als eerste aan de slag met het in de schoot geworpen breekijzer, hij is niet bang voor de tijger en hij bedenkt het ontsnappingsplan.
Wipneus blijft wat bij hem achter, hoewel hij in het begin van het verhaal wel degene is, die het boek over het ruitekruid tegen tandpijn heeft gevonden. Maar ook hier neemt Pim de leiding als het gaat om hoe ze de koning zover krijgen dat hij het opdrinkt.
Ik ga eens kijken of dat in meer boekjes zo is, dat Pim duidelijk de leider is. Ik denk het wel eigenlijk.