maandag 31 december 2018

De Val

Ik leg Lise in de poppenbuggy en kijk naar Olivier. Ik loop naar hem toe en klem mijn armen om zijn mollige lijfje. Hij is kleiner dan ik maar toch best groot merk ik. Ik kan hem wel optillen. Hij is zwaarder dan Lise én dan ik dacht. Ik begin te lopen. Ik kan recht vooruit kijken en zien waar ik naartoe ga. Maar als ik mijn hoofd buig zie ik niet mijn schuifelende voeten. Ik zie alleen maar Oliviers blonde hoofd. Dit isIk struikel, we vallen. Allebei op zijn hoofd. Best hard.

Het had veel groter kunnen zijn. Dat er van onder zijn blonde haren lobbig een halo donkerrood over het hoekige patroon van de klinkers kroop, en dat hij dat donkerrood dan weer deels overdekte met een licht-geelroze substantie. Dat hij niet hartverscheurend huilde, maar dat hij op slag roerloos sliep, zijn gezichtje en haren verstild in één kleur.

zaterdag 29 december 2018

Tulpenpassie

Zegt u eens meneer, had men de blozende jonker nog zaterdag, in onze overvolle salon, gevraagd, waar komt u nou precies vandaan? Hij had ons ijverig aangekeken: van een landgoed achter de zee waar felbloeiende velden zich in de maand april tot aan de horizon uitstrekken. En hoe zit dat met die razernij van u, die bloemen? Hij vertelde ons dat de bodem daar uit zand en oude klei bestaat en dat de waterstand zeer hoog wordt gehouden, wat makkelijk zat is omdat het hele land wordt doorkruist met sloten en kanalen die allemaal, tot de kleinste toe, door sluizen en gemalen worden beheerst. Kijk, ik zal het voor u tekenen, het water zit hier, vlak onder de bol en dat is waardoor we die vóór de eigenlijke tijd in bloei kunnen trekken en vervolgens...

uit: de Virtuoos van Margriet de Moor

woensdag 19 december 2018

Verveling

" - lieden zonder opvoeding die nooit de kunst van het nietsdoen geleerd hebben en het stijlgevoel missen om zich op vorstelijke wijze te vervelen."

Wat houd ik toch van boeken.

Uit: Schandaal in Damascus - en andere vrijmoedige liefdesverhalen uit 1001-nacht van Paul Rodenko

zaterdag 24 november 2018

Schiedam in het boek 'Meisjes'

Uit 'Meisjes' van Jan Rot:


"Glazig kijk ik van mijn vriendjes weer naar de tekst op het scherm. Hij wil met me! Achttien! Uit Schiedam!"

vrijdag 23 november 2018

Stadskraan

Kom ik toch zomaar Schiedam tegen in een oud rijmpje. Niet al te flatteus misschien, maar het maakt niet uit hóe ze je noemen als ze je maar noemen (of misschien toch niet, nou ja)*.
Had reeds het Instrument
Van ouds genaamd de kraan
Ten dienste dezer stad
Twee eeuwen lang bestaan
Maar moest, schoon sterk genoeg
Om half Schiedam te ligten
Voor een gegoten beeld
In deze dagen zwichten
O, kinderen van de kraan
Wat werk hebt gij begonnen
Zie nu, een Britsche hoer
Heeft kraantje overwonnen
Het gaat over hoe de stadskraan van Utrecht in 1837 bezweek bij het op de kade tillen van de laatste kariatide voor de Winkel van Sinkel.

Schiedam had natuurlijk ook een stadskraan, op de Lange Haven.
Ansicht van Henri Rebers, gevonden via Scyedam.nl

*Edit: Blijkbaar (volgens Jellie van der Meulen) werden de Griekse gietijzeren dames vervoerd met een (of de?) Schiedamse schuit, en wordt het lossen van goederen uit Schiedam bedoeld. Klinkt het toch al weer beter.

woensdag 21 november 2018

Lieve Zwarte-Pietliefhebber,


Zwarte Piet was jouw held. Zwarte Piet was grappig, stoer, rebels, lief, dacht out-of-the-box (ook al kende je die term toen nog niet), en kon gave kunstjes. Je keek een beetje tegen hem op, wilde ook wel Zwarte Piet worden. Die roe, dat was alleen maar een raar overblijfsel van vroeger, daar maakte papa grapjes over, maar jij en Zwarte Piet wisten wel beter. Je kreeg een knipoog en nog een overstromend handje pepernoten.

Nooit-ooit associeerde je Zwarte Piet met mensen uit het dagelijks leven, dus ook niet met zwarte of bruine mensen.
Nooit-ooit had je het gevoel dat Zwarte Piet geen keuze had, dat hij eigenlijk niet wilde doen wat hij deed, dat hij gedwongen werd.

Later realiseerde je je wat een mooie traditie het is. Alles en iedereen doet mee. In één weekend 300 openlucht-voorstellingen gebaseerd op hetzelfde stuk, en overal immense menigtes enthousiast publiek. En nog steeds wilde je wel Zwarte Piet zijn, likje schmink, pruik, pakkie en dan maar grappen uithalen. Tranen over je wangen van het lachen en ontroering, strepen in de schmink.

Nog later zeiden ze ineens dat Zwarte Piet racistisch zou zijn. Het was niet zo ineens, maar je had het gewoon niet eerder gehoord. Het doet pijn. Want jouw held zou racistisch zijn. En daarmee voel je je aangesproken. Met racisme wil je helemaal niks te maken hebben. En het voelt alsof juist dát jou en je vroegere schattige jou nu verweten wordt.

Wees gerust. Je bent niet racistisch. Wees gerust. De mooie traditie wordt niet van je afgepakt.
Het zwarte is namelijk niet de essentie van de Pieten. Dat zou je kunnen gebruiken om de discussie aan te gaan, maar je kunt het beter  gebruiken om voor jezelf de angel, het pijnlijke eruit te halen.

Je bent niet racistisch. Je verheerlijkt slavernij niet. Je bent geen slecht mens. Dat je niet alle implicaties overzien had, maakt je niet slecht. Je wilde niet kwetsen en dat wil je nog steeds niet. Daarom is het goed om er eens bij stil te staan.

Pieten zijn geen slaven en dat kunnen we best laten zien. Daar zijn we met z’n allen creatief genoeg voor. Natuurlijk mag je neefje je niet herkennen als jij Piet speelt, maar net als de dokters, zijn de schminkers zo knap tegenwoordig. Die kunnen daar vast iets op verzinnen. Goede pruik erbij, mooi pak, en klaar. De verhouding Sinterklaas-Piet? Die is, zolang ik me kan herinneren, al goed. Misschien was het ooit anders, misschien niet. Laten we nu laten zien hoe het nu zit.


Liefs Corine,
Pietenliefhebber